Hoe bereik je een goede mondhygiëne bij personen met een beperking?

Goed poetsen voor een optimale mondhygiëne, hoe doe je dat bij personen met een beperking? Wij zetten de belangrijkste tips op een rij:

  • Tijdstip en duur van het tandenpoetsen
  • Tandpasta
  • Tandenborstel
  • Borstelmethode
  • Spoelen
  • Opruimen
  • Tussen de tanden reinigen
  • Tong, slijmvliezen en verhemelte
  • Mondspoelmiddelen
  • Tandeloosheid en gebitsprothesen
  • Onderhoud tandimplantaten

Tijdstip en duur van het tandenpoetsen

Poets de tanden minstens tweemaal per dag. Poets zeker elke avond net voor het slapengaan en poets nog een keer tijdens de dag (bijvoorbeeld na het ontbijt). Om het overzicht te bewaren voor alle zorgverleners is een overzichtsfiche handig. Daarop staat welke tanden aanwezig zijn, of er problemen werden geregistreerd, wanneer de tanden gepoetst werden en wanneer dit om bepaalde redenen niet mogelijk is geweest.
Neem de nodige tijd voor het tandenpoetsen. Een goede poetsbeurt duurt minstens twee minuten, maar bij personen met een beperking zal dit meestal meer tijd vragen.

Als het tandvlees bloedt blijf je toch overal poetsen, ook daar waar het tandvlees reageert. Dit is zelden pijnlijk. De bloeding wijst op ontsteking van het tandvlees. Het is een teken dat er extra aandacht moet gaan naar mondhygiëne.

Wanneer zuur voedsel of zure dranken gebruikt werden, wacht je best minstens een uur voordat je de tanden poetst. Zo voorkom je erosie van het tandweefsel.

Tandpasta

Vanaf het eerste moment dat tanden doorbreken moeten ze gepoetst worden (zowel melk- als definitieve tanden). Gebruik steeds een tandpasta die fluoride bevat. Fluoride is een stof die het glazuur van de tand meer bestand maakt tegen tandbederf. Ook als de persoon niet kan spoelen, poets je met een fluoridetandpasta: het inslikken van een beetje tandpasta is minder erg dan het hoger risico op gaatjes en noodzaak van behandeling ervan. Gebruik niet te veel tandpasta, maximaal een volume ter grootte van een erwt).

Wanneer en hoeveel fluoride gebruik je best? We geven je hier het antwoord:

Leeftijd Fluorideconcentratie in de tandpasta Aantal poetsbeurten per dag Hoeveelheid tandpasta
Tot 6 maanden (voor doorbraak eerste melktand) / / /
Tot 2 jaar 500 – 1000 ppm 2 Erwt grootte
Tussen 2 en 6 jaar 1000 – 1450 ppm 2 Erwt grootte
Boven 6 jaar en volwassenen 1450 ppm 2 1 – 2 cm

Tandenborstel

Geef de voorkeur aan elektrisch poetsen indien dit mogelijk is. Een elektrische tandenborstel verwijdert, bij een juist gebruik, meer tandplaque dan een manuele tandenborstel. Ook met een elektrische tandenborstel moet je minstens twee minuten poetsen. Kies voor een elektrische tandenborstel met een kleine ronde borstelkop die een roterende en pulserende beweging maakt. Het kan zijn dat de persoon wat moet wennen aan het elektrisch poetsen. Geef hem/haar daar minstens twee weken de tijd voor. Bouw dit beetje bij beetje op.

Poets je manueel, dan moeten de haren van de tandenborstel zacht of medium zijn, afgerond en allemaal even lang zijn. Dit gebeurt er beter niet:

  • Te stugge haren (harde borstel) kunnen, in combinatie met te krachtig en te frequent poetsen, schade veroorzaken aan het tandvlees en tand(wortel)oppervlakken.
  • Scherp afgesneden haarpuntjes vergroten de kans op trauma.
  • Als de haren niet even lang zijn, kan het gebeuren dat er te hard gedrukt wordt om ook contact tussen de kortere haren en het tandoppervlak te krijgen.

Kies een tandenborstel met een korte smalle borstelkop en met afgeronde hoeken. Bij volwassenen kan je een kindertandenborstel gebruiken als er weinig ruimte is in de mond.

Vervang de tandenborstel minstens elke drie maanden (per seizoen een nieuwe tandenborstel) of wanneer de haartjes uit elkaar gaan staan. Dit advies geldt voor alle soorten tandenborstels, zowel manuele als elektrische.

Er bestaan bijzondere borstelvormen voor gebruik in specifieke situaties (vb soloborstel, orthodontische borstel,…). De tandarts zal een gepast advies geven.

Borstelmethode

Laat de tandenborstel zijn werk doen. Poets met een zachte hand en doseer de kracht. Poets systematisch: poets de binnenkant, buitenkant en bovenkant van de tanden en dit zowel in de onderkaak als in de bovenkaak. Houd telkens dezelfde systematiek aan en begin met de moeilijkst te bereiken vlakken.
Bij een elektrische tandenborstel plaats je de tandenborstel onder een hoek van 45°. Je begint bij de laatste tand achteraan en schuift de borstel tand per tand op. De tandenborstel maakt hier zelf de gepaste beweging, zodat er op de positie en systematiek kan geconcentreerd worden. Bij een manuele tandenborstel plaats je de tandenborstel onder een hoek van 45° op de overgang van de tand naar het tandvlees en maak je cirkeltjes tijdens het poetsen. Om de binnenste vlakken van de voorste elementen schoon te maken houd je de tandenborstel in verticale positie, plaats je hem op de tandvleesrand en maak je zo op en neer gaande bewegingen.
Bij het tandenpoetsen moet je ervoor zorgen dat er geen plaatsen worden vergeten, maar soms kan het door een gebrekkige medewerking moeilijk zijn om alle plaatsen in de mond in één poetsbeurt te bereiken. Kies er dan voor om tijdens verschillende poetsbeurten, verschillende plaatsen in de mond te poetsen (bijvoorbeeld ’s morgens grondig de bovenkaak en ’s avonds grondig de onderkaak). Op de overzichtsfiche hou je dan best bij wanneer welke tanden gepoetst worden.

Spoelen

Zorg dat de persoon de tandpasta uitspuwt. Naspoelen met water is niet nodig. Indien je toch wilt naspoelen, doe je dit eenmaal. Zo blijft er meer fluoride achter in de mond en is er meer bescherming tegen gaatjes, terwijl eventuele voedselresten toch worden weggespoeld. Ga eens rond met een gaasje of swab (wattenstaafje) gedrenkt in water als de persoon niet kan spoelen. je kan hiervoor ook de tip van een handdoek of washandje die je om je vinder windt, gebruiken.

Tussen de tanden reinigen

Zowel met een manuele als met een elektrische tandenborstel kan je niet tussen de tanden poetsen. Daarvoor gebruik je best een tandenstoker of rager. Ragers en tandenstokers bestaan in allerlei vormen en maten. Goede tandenstokers zijn driehoekig van vorm, waarbij de platte kant naar het tandvlees toe gericht wordt. Kies de grootte afhankelijk van de grootte van de tussenruimte. Bij een rager mag de metalen kern (draad) de tanden en het tandvlees niet raken. Soms kunnen verschillende maten nodig zijn bij eenzelfde persoon. Vraag hiervoor advies aan de tandarts.

Reinig indien mogelijk eenmaal per dag tussen de tanden. Kies hiervoor zelf een geschikt moment (bijvoorbeeld op een moment dat het rustiger is of ’s avonds voor het poetsen met de tandenborstel). Neem de tandenstoker/rager vast tussen duim en wijsvinger en duw deze vanaf de buitenkant tussen de tanden. Om niet door te schieten zoek je best steun met de andere vingers. Sluit de mond iets en buig eventueel de rager wat om tussen de tanden achteraan in de mond te reinigen. Een tandenstoker kan slechts éénmaal gebruikt worden. Een rager kan meerdere keren gebruikt worden. Na gebruik moet je de rager steeds afspoelen met water, afdrogen en droog bewaren.

Tong, slijmvliezen en verhemelte

Besteed ook aandacht aan de hygiëne van de tong. Dit is belangrijk om het beslag te verwijderen en zo een onaangename ademgeur te vermijden. Schrob de tong regelmatig met een tandenborstel, doe dit zonder gebruik van tandpasta. Maak eventueel gebruik van een gaasje om de tong vast te nemen. Bij hardnekkig tongbeslag geniet een tongschraper de voorkeur. De tandenborstel zal dan het beslag niet helemaal kunnen verwijderen.

Opruimen

Spoel de tandenborstel na het poetsen zorgvuldig uit zodat er geen resten van voedsel of tandpasta tussen de haren blijven zitten. Droog hem af en bewaar hem rechtopstaand op een droge plaats.

Mondspoelmiddelen

Wanneer de mechanische plaquecontrole (poetsen) onvoldoende is, kan deze ondersteund worden met antimicrobiële producten. Hiervoor kiezen we meestal een chloorhexidinepreparaat. De beslissing om dit te gebruiken gebeurt in overleg met de tandarts.

Chloorhexidine kan je aanbrengen door te poetsen met een chloorhexidinegel of door gebruik te maken van een chloorhexidinespray of -spoelmiddel. Kies je voor de gel, dan gebruik je een aparte tandenborstel. Indien je voor de spray of het spoelmiddel kiest, gebruik dan een alcoholvrije oplossing van 0,12%.

Chloorhexidine heeft een aantal bijwerkingen zoals een onaangename smaak, verminderde smaakgewaarwording en (verwijderbare) verkleuring van tanden.

Tandeloosheid en gebitsprothesen

Wanneer een persoon met een beperking geen natuurlijke tanden meer heeft, is het nog steeds belangrijk dat het slijmvlies – waar al dan niet een gebitsprothese op rust – gereinigd wordt, anders kunnen ontstekingen ontstaan. Masseer de kaakkammen, het gehemelte en de overgang van de kaak naar de wangen minstens één keer per dag met een zachte tandenborstel of een gaasje en water. Begin vooraan in de mond en ga geleidelijk aan verder naar achter in de mond.

Verwijder een eventueel aanwezige gebitsprothese uit de mond om ze te reinigen. Poets deze minstens twee keer per dag. Als de gebitsprothese niet regelmatig wordt gepoetst, blijft er op alle vlakken plaque achter, vooral op de binnenzijde (naar het slijmvlies gericht). Wanneer deze plaque niet verwijderd wordt, kan het onderliggend slijmvlies en/of tandvlees gaan ontsteken. Hou de gebitsprothese tijdens het poetsen boven een lavabo die voor een derde gevuld is met water om breuk te voorkomen bij een eventuele val. Poets met een gebitsprotheseborstel, ongeparfumeerde (vloeibare) zeep en water. Gebruik hiervoor geen tandpasta want die schuurt te veel. Poets eerst de binnenzijde en dan pas de buitenzijde van de gebitsprothese. Poets tot alle plaque verwijderd is, minstens anderhalve minuut per gebitsprothese.

Als er tandsteen aanwezig is op de gebitsprothese dan kan dit losgeweekt worden door de gebitsprothese één nacht in azijn te leggen. Spoel daarna goed na met water. Gebruik nooit heet water, bleekwater of schuurmiddelen. Er zijn diverse reinigingsmiddelen voor gebitsprothesen op de markt. Een reinigingsmiddel lost geen tandplaque op en dus blijft borstelen noodzakelijk. Verder kan overmatig gebruik van dergelijke reinigingsmiddelen de gebitsprothese beschadigen. Als de gebitsprothese elke dag goed mechanisch gereinigd wordt door te borstelen, is dergelijk reinigingsmiddel overbodig.

Haal ’s nachts en tijdens de middagrust de gebitsprothese uit de mond zodat het slijmvlies tot rust kan komen. Bewaar de gebitsprothese droog na ze vooraf grondig gepoetst te hebben.

Krab aanslag nooit van het kunstgebit met een mesje of ander hard voorwerp. Dit kan zorgen voor krassen en andere beschadigingen.

Onderhoud tandimplantaten

Tandimplantaten zijn metalen structuren die in het kaakbeen worden aangebracht en die verloren gegane tanden vervangen. Mondhygiëne bij tandimplantaten is uiterst belangrijk. Bij een slechte mondhygiëne kan een tandimplantaat verloren gaan. Kronen en bruggen op tandimplantaten worden best schoongemaakt met een tandenborstel en tandpasta en de tussenruimtes met ragers. Het is belangrijk om de overgang tussen de kronen en het tandvlees goed proper te maken.

Wanneer tandimplantaten als houvast dienen voor een uitneembare prothese (overkappingsprothese of klikprothese), maak je de prothese schoon zoals elders beschreven. De tandimplantaten worden gepoetst met een zachte tandenborstel en tandpasta. Hierbij is het ook belangrijk om de overgang van het tandimplantaat naar het tandvlees goed te poetsen. Indien een baarconstructie voorzien werd, moet deze goed gereinigd worden met ragers. Volg hierbij de instructies van de tandarts op.